3-2005

CAMPERRITNO. III-2005 (14 Mei t/m 19 Juni 05)

ZUID-FRANKRIJK

(Cévennes - Gard - Camargue en Langudoc)

Het weerbericht op Vrijdag de 13e voor de dag van vertrek :14 Mei was niet opwekkend: regen in Limburg en België. We hadden besloten, ons vertrek met een dag uit te stellen. Echter:op Zaterdag 14 Mei was het zonnig en werd niet meer gesproken over regen in Nederland. Wat later dan normaal vertrokken we toen maar voor onze reis via Arnhem, Venlo en Maastricht. Het weer was aangenaam en redelijk zonnig. Zo reden we België binnen, doch bij de passage van Luik begon het te regenen en in de Ardennen werd het er niet beter op! Via de E25 reden we richting Bastogne, om vandaar via de N4 richting Arlon verder te gaan. Natuurlijk werd eerst in Martelange (L.) goedkope diesel getankt en vervolgens ging het via de N81 (rondweg Arlon) naar AUBANGE op de grens met Frankrijk. Na 380 km. Vonden we het “welletjes” en zochten hier een “P” voor de nacht

DAG 2. De dag begon bewolkt, maar droog. Bij ons vertrek rond 9.30 uur kwam de zon erbij en de rest van de dag verliep met wolken en zon en zo’n 18 gr., bést aangenaam! De route liep via de A30, E25, A31 en N74 door (langs) de plaatsen Longwy, Metz, Nancy, Toul, Neufchateau, Langrès (met en groot slot) en Dyon door een prachtig, golvend landschap, “gestoffeerd” met rijkbloeiende koolzaadvelden, Na een tocht van ca 350 km. vonden we in NUITS-St-GEORGE aan de N74 bij het zwembad een goede plek voor de nacht.

DAG 3: Na pittige regenbuien in de nacht begon de dag bewolkt maar droog bij ca. 17 gr. Rond 9.00 uur werd er gestart voor de 3e etappe richting Zuid-Frankrijk, We reden via de N74,N6,A 7 en N86 dóór en langs Beaune, Chalon s. Saöne ,Macon en Belleville naar Lyon (door de tunnel) met afslag naar Givors (N86) maar deze was ter plaatse slecht aangegeven, zodat we op de A417 St, Etienne) terecht kwamen en dus fout reden. 14 km terug en daarna door het centrum van Givors pikten we de N86 (Ri. Cordrieu) op. Via deze landelijke weg met vele dorpen en stadjes langs de Rhöne arriveerden we in TOURNON, na een rit van ca 300 km. Vanaf Lyon was de zon er al bij en op onze “P” in TOURNON aan de “Place d’ombrage (slechts enkele meters van de Rhöne) was het lekker weer bij 22 gr.

DAG 4: Even terug voor verzorging naar de Parking bij de ingang N86/Tournon (Sani-zuil gratis) en inkopen bij de Super-Marché ging het weer zuidwaarts met lekker zonnig weer en 22 gr. via de N86 St Peray, Beauchastel,Le Pouzin, Le Teil en Viviers door het mooie Rhöne-dal met réchts de hoge bergen van de Ardèche. Na St Just sloegen we rechts af richting Barjac (Cévennes) en volgden een mooie bergweg D 901, om te stoppen op de natuurcamping “Randu-le-Chabrier” aan de rivier de Cèze.Helaas liet de zon ons in de steek en stond er bij 20 gr. flink wat wind uit de N. W.-hoek. De bezetting van de camping was “mager”. Desondanks: leuke gesprekken met Nederlanders en Belgen als buren.

DAG 5: In de nacht begon de “Mistral” te waaien en blies alle wolken weg. Vanuit een staalblauwe hemel scheen de gehele dag de zon en hoewel de N. W.-wind met kracht 5-6 door het Cèze-dal blies was het in de zon en op een beschutte plek toch heerlijk toeven op de camping bij zeker 22 gr. ’s Avonds werd er langs de rotsoever van de Cèze geklommen en geklauterd en de aldaar ontstane grotten bezocht.

 

DAG 6: Ook deze dag verliep met veel zon en nog wat warmer, zodat er ook in de Cèze gezwommen kon worden; Lekker gebruind en uitgerust...........................................................................

DAG 7: Adieu Camping Ran-du—Chabrier! Drie dagen van uitrusten, zonnen en luieren zaten er op ! Tijd om weer actief te camperen! Na een klim van 20% vanuit het Cèze-dal reden we naar Barjac, waar een levendige markt aan de gang was. Vandaar via de D51 naar StAmbroix voor een stop en vervolgens naar Alès, waar we lunchten. Inmiddels werd het erg heet (zeker 28 gr.) en zonder schaduw ging het niet, dus vervolgden we onze rit via de NI 06 naar La-Grand-Combe en bezochten dit stadje, gelegen aan rivier “ Le Garon d’Alès “. De 106 (een zeer mooie, nieuwe en brede weg werd richting Florac een “Beauty ” met de prachtige bergen van het Nationale Pare des Cévennes. In FLORAC aangekomen werden we middels borden naar de Camper-P geleid, (v.v. van verzorging,, vuilafvoer, W. C’s; gloednieuw aangelegd - Een compliment voor de Gem. Florac (!). Daar bleven we overnachten als enige Nederlanders tussen 12 Franse Campers Het stadje zelf oogt vriendelijk met goed verzorgde staten en is zeker een bezoek waard! Zeer interessant is “La source du Pêcher “,een bron met water, afkomstig uit de “Causse Méjan ” (= steenrijke hoogvlakte), die het door het gesteente gesijpelde water massaal loost op de rivier de TARN, via indrukwekkende watervallen.

DAG 8: Voor deze dag stond een rondrit op het programma rondom de Mont Lozere in het “Pare National”. De zon was erbij, maar af en toe ook wolken; heerlijk weer en wat minder warm dan de vorige dag. Vanuit Florac namen we de D 998 naar Le-Pont-de Montvert, een schilderachtig stadje aan de rivier de TARN, vervolgens Vialas en bij Genolhac op de D906 naar Villevort. De “Barrage de Villevort” was een prachtig stuwmeer, temidden van de hoge bergen. Vandaar via de D901 werd een echte “berg-etappe” gereden (D20): Col de Tribes (1130 mtr), Le Bleymard (1070 mtr) en de Col de Feniels (1541 mtr). Hier zaten we royaal boven de boomgrens en lag het landschap bezaaid met forse steenbrokken (tevens wintersportgebied)Na een uurtje rust werd de rondrit besloten door een kilometersafdaling via de D998, Cocurès naar FLORAC, waar we voor de 2e keer bleven overnachten.Het was een indrukwekkende tocht met vele mooie vergezichten en een imponerend bergmassief van de Mt Lozere en de uitbundig bloeiende gele brem op de rotsen van dit dun bevolkte gebied met een “handvol” dorpjes. De doortocht op de Co! de Feniels op 1540 mtr. was de hoogste berg tot nu toe in een uitermate ruig landschap. 134 km. duurde deze trip en nam ca. 6V2 uur in beslag (inch rust).

DAG 9: Na wat regenbuien in de nacht en bewolking bij het opstaan, kwam al snel de zon er door en werd het ca. 23 gr. met wisselende luchten. Na verzorging vertrokken we voor onze dagetappe, waarbij de “GORGES DU TARN” de hoofdmoot was. We reden de NI06 ri. Mende en beklommen eerst de Col Montmirat (1045 mtr.), reden door het dorp over de hoogvlakte “Sauveterre” met een pittige afdaling naar Ispagnac a.d TARN. Vandaar vervolgden we het adembenemend schouwspel van water en rotsen, dat als “GORGES DU TARN” veel bezoekers trekt. We zagen dorpjes uit de vroege middeleeuwen tegen de berg “geplakt”, zoals CASTELBOUC en HAUTE RIVE en reden via St. ENEMIE (een van de mooiste middeleeuwse dorpen van Frankrijk). Ven’olgens: Lamalène, Les Vignes en Le Rozier. Omdat overnachten op de parking niet was toegestaan, sloegen we hier links af en reden langs de “Gorges de la Jonte” naar MEYRUEIS. Daar vonden we op de “P”, gelegen aan de rivier de Jonte een mooie plek voor de nacht. In de avond was er onweer, dat ons binnen hield.

DAG 10: Na een regenachtige nacht was het ’s morgens bewolkt en slechts 9 gr. We waren van plan, om de komend twee dagen heuse bergetappes te gaan rijden en bergen in de bewolking zijn niet aangenaam. Gelukkig kwam, net op tijd, de zon er door en werd het wolkendek (deels) verdreven. Vanuit Meyrueis kozen we voor de D986 richting Le Vignan en reden “bergop” met prachtige uitzichtpunten, als de ABIME de BRAMABIAU, een “carousel” hoge, kale rotsen, waaruit de ondergrondse rivier, de Bonheur stroomt. Daarna kwamen de bergen: Col de la Seryêde (1299 mtr) en de Col de Miner (1373 mtr). Ven’olgens een prachtig uitzichtpunt: “Belvedère de la Cravata”, waar we geruime tijd verbleven. Via de D48 ging het via Arphy en Aulas naar LE VIGAN, een stadje aan de rivier de VArre met een oude Romeinse in stenen gemaakte boogbrug. De “P” tegenover de Super-U was zeer geschikt voor overnachting.

DAG 11: De 2e dag van deze bergetappe ging weer Noordwaarts via de D999 tot Pont d’Herault en ven’olgens langs de D986 langs de rivier “Herault” naar VALLERAUGUE, een erg leuk plaatsje, om te bekijken. Vanaf hier begon een klim van 22 km. naar de MONT AIGOUAL. Deze hoogste berg van de Cévennen (1567 mtr) heeft een “barre” reputatie van schrale winden en ruigheid. Daar was vandaag met een heerlijk zonnetje en nauwelijks wind niets van te merken. Bij 20 graden in de zon wandelden we rond de “Observatoire” (Meteo-France) en zaten te genieten van het uitzicht Zelfs de besneeuwde toppen van de Alpen waren te zien. Daarna weer een lange afdaling over de Dl 8 via, tegen de berg “geplakte” dorpjes, zoals Verbron en Salie Prunet naar FLORAC, waar we voor de 3e keer gingen overnachten. In het dal was het stralend weer en 27 graden!

DAG 12: Na een rustige nacht werd er verzorgd en vervolgden we onze trip vanuit Florac met een laatste bergetappe in de Cévennen. Allereerst werd Barre-des Cévennes bezocht en daarna de “Corniche des Cévennes. Een mooie zonnige rit over de bergen Hospitalet, Castanier, Col de FExil en Col de St. Pierre (tussen 600 en 700 mtr. Hoog) via de dorpen La Pompidou, St Jean du Gard (D9) werd ANDUZE (de “poort” van de Cévennen) bereikt, om vandaar de 2 km verder gelegen BAMBAUSERAIE de PRAFRANCE (het z-g• bamboe­bos) van Anduze te bezoeken. We keken onze ogen uit op zoveel verschillende soorten bamboe, palmen en bijzondere planten en o.m. een “Laotiaans dorp” (geheel opgebouwd van bamboe) en zo meer. Zeker een bezoek waard! Vanwege de warmte (29 gr.) gingen we niet terug naar Anduze, maar overnachtten op de “P” van de Bambouseraie, lekker in de schaduw!

DAG 13: Eerst werd Anduze bezocht. Een levendig en gezellig Frans stadje, waar in de smalle straatjes net een markt was begonnen. Vervolgens over de D982 naar Moussac en Uzès (een zeer mooie stad, maar rond de 30 graden te warm voor een bezoek!) We gingen rechtsaf de D981 naar “PONT-DU-GARD” a/d rivier de Garon. Dit 2000jaar oude Romeinse Aquaduct was zeer indrukwekkend qua omvang en architectuur en we bleven hier een 2-tal uren (ondanks de hitte). In de middag via de Dl 9 en D86 naar NIMES, een zeer grote stad, die in verkeerstechnisch opzicht alle aandacht vroeg. We vonden de NI 13 richting Arlès, maar rond 16.00 uur hadden we genoeg gereden in deze warmte en “streken neer” op een gloednieuwe “P” aan een recreatie-plas in BELLEGARDE (een prachtige plek op weg naar de Middellandse Zee!)

DAG 14: Rond 9.00 uur vertrekken we voor het laatste deel naar de “MEDITERRANÉE” ri. Arlès (N86). Voor Arlés een afslag D36 richting Salin-de-Giraud. Daar deden we onze inkopen en reden voor de laatste 11 km via de D36b naar het strand van PIEMANSON, langs de zoutpannen van de Camargue, waarin groepen flamingo’s waren te bewonderen. Het strand was immens lang met veel (permanent) geplaatste caravans en campers op de rij erachter (i.v.m. wegzakken in de te mulle ondergrond) bij een temperatuur van 24gr., volop zon en een Zuidenwind Na 1900 km. hadden we ons verst gelegen reisdoel bereikt en namen ons voor, van zee en zon te gaan genieten. NOOT: ’s Nachts rond 24.00 uur werden we gewekt door stemmen en rumoer rond onze camper. Op 50 mtr. Afstand stond óp het strand een camper in brand en ontploften brandstoftank en gasflessen. (vermoedelijk kortsluiting), ’n Paar uur geleden aangekomen en nu al: “einde reis ” ! Gelukkig geen persoonlijke ongelukken, maar spannend was het wel! De volgende morgen bleek dat de brandweer na het blussen, het uitgebrande wrak al had afgesleept!

DAG 15: Na 2 weken trekken willen we nu genieten van rust, zon en zee op Piémanson. We hebben gehoord, dat dit strand in het hoogseizoen bevolkt wordt door we! 10.000 mensen (nu is het er nog heerlijk rustig!) Het eerste deel is bestemd voor badkleding en het tweede deel voor naturistisch gebruik Overigens is het weer hier ook niet altijd even mooi. Een week geleden heeft het erg geregend en stond de “Mistral” 6 dagen door. Daardoor wordt het water uit de Etangs (binnenzeeën) bij Piémanson het strand opgestuwd, staan Campers in het water en kunnen dan niet meer op eigen gelegenheid weg komen en ook worden caravans soms “omvergeblazen ”! Wij zijn dus bofkonten, dat ons dit bespaard is gebleven en dat wij kunnen genieten van prachtig weer, op een voor Nederlanders “ongekend” strand, waar ieder zijn camper of Caravan vrij kan plaatsen, weliswaar zónder verzorging. Een min-punt is, dat in de avondschemering de muggen uit de Camargue een verblijf buiten de camper onmogelijk maken.

DAG 16: Het weekend is duidelijk drukker. Veel Fransen komen dan, om hun permanent op het strand geplaatste caravans (vaak: “oudjes”) te bevolken. Evenals gisteren was het weer een prachtige stranddag, veel zon en ca. 27 graden

DAG 17: De dag begon bewolkt met N. W.-wind en werd er werd wederom “Mistal” voorspeld. Bovendien hadden we verzorging nodig en besloten we ons verblijf hier te beëindigen en reden naar Salin de Giraud voor (nu nog gratis) verzorging. Vandaar de D36 naar Mas-de- Pontèves en hier linksaf de D37 langs de “Etang de Vaccarès”. Vanaf een observatiepost zagen we de witte wilde paarden van de Camarque. Via de D570 ging het richting Stes Maries-de-la-Mêr. Maar eerst bezochten we in het gehucht Avignon nog het Chateau Avignon uit 1895 met een vernuftig irrigatiesysteem vanuit de Vieux-Rhöne. Bij het “Pare Naturel” hielden we siësta, om daarna het einddoel” Stes MARIES-de-Ia-MêR te bereiken. Deze badplaats-en visserijstad heeft met haar witte huizen een Spaans uiterlijk en bezit bovendien een leuke promenade, waarover wij een rondgang maakten. Het was de gehele dag “half-zon” en benauwd weer (28 gr.) met onweersdreiging. Voor de nacht verbleven we op de Camper-PMunicipal(€ 6.- incl. verzorging).  In de avond maakten we een wandeling langs de “Etang de Laune” die aan het stadje grenst We zagen 10-tallen flamingo’s in de ondergaande avondzon; een werkelijk schitterend schouwspel!

DAG 18: De Mistral, die gisteren begon, haalde in de nacht goed uit en we stonden te “schudden ”. Goed, dat we niet op Piémanson waren geble\’en, daar was het zeker onaangenaam geweest. De morgen begon met zon en 17 gr., maar voelde fris door de N. W.- wind, maar in de loop van de dag warmde het flink op tot wel 27 gr. en was de wind een welkome verfrissen We vertrokken uit Stes Maries via de D38. Wat ons opviel was het “Mekka” voor de paardenliefhebber; overal stoeterijen met de Caargue-paarden! Door dit schrale landschap bereikten we de D58 en reden naar AIGUE-MORTE. Hier namen we ruim de tijd deze unieke vestingstad, geheel in carré-vorm ommuurd, te bezichtigen. Na de lunch bezochten we de “Toren van Constance en maakten een rondgang over de 5 meter dikke muren. Ook de kerk, Notre Dame-des-Sablons uit de 13e eeuw met modern gebrandschilderde ramen was zeer fraai en intiem. Rond 16.00 uur vertrokken we weer ri. Le-GRA U-DU-ROI (D9 79). ‘n Echt bezoek zat er niet in, omdat we in het centrum vast liepen in smalle straatjes. Daarom werd de rit voortgezet naar La-GRANDE-MOTTE. Aldaar aangekomen reden we door een modern, futuristische stad met A-symmetrische bebouwing (zo van de tekentafel!) Even buiten de stad was het een en al “Plage”, dus daarvan maakten we graag nog een paar uur gebruik en tevens werd ter plaatse gekookt voor een lekker maal. Tegen 19.30 uur vertrokken we via de D59 ri. CARNON op zoek naar een overnachtingsplek, die we vonden in het centrum van Carnon. (De grote parkings waren alle afgesloten met een 2-mtr. —boom. Een avondwandeling voerde ons nog door een gigantische jachthaven en een mooie boulevard.

DAG 19: Prachtig strandweer, dus óp naar CARNON-PLAGE. Eerst een strandwandeling van 1 uur en daarna alle strandgeneugten bij ca. 28 gr., ’s Avonds (na het eten) bleven we staan op deze strandweg (niet helemaal legaal, maar we waren niet de enige!)

DAG 20: Op het strand werd gefeest door jonge mensen en dat bracht de nodige onrust S’ Nachts ontdekten we per toeval, dat een kleine portierruit uit de deur was verwijderd en men getracht had in te breken, maar doordat we, ook overdag altijd een ketting tussen beide portieren aanbrengen, was het de autokraker(s) niet gelukt om het portier te openen, zodat er niets vermist werd Toen ik op zoek ging vond ik het raam (nog heel) weer terug in het duin en werd het met “klusband” weer bevestigd, zodat we onze reis met raam konden vervolgen. ’s Morgens eerst naar Carnon en later naar Plavas-les-Flots voor politie-aangifte. Dat koste noga! wat tijd, maar niet zoveel, dat we deze stad niet konden bekijken. Ook hier was men niet erg “Camper-vriendelijk” t.a, v. parkeren. Rond 13.30 uur vertrokken we daarom weer langs de D986 en Dl85 ri. FRONTIGNAN. Via Villeneuve (D 118) ’n weg, die deels door de Middellandse Zee en deels door diverse “Etangs” werd begrensd Bij het strand van “Les ARESQUIERS” hielden we halt voor een frisse duik (zeer zonnig en 28 gr.) en bleven gelijk voor de overnachting met 2 andere campers

DAG 21: Na wat “huishoudelijke karweitjes” reden we op de strandweg tussen Etang d’Ingril en de Middellandse zee over de D60 naar Frontignan. Helaas: parkings afgesloten voor campers. Buiten de stad werden wat boodschappen gedaan en over de D129 werd BALARVC-les-BAINS, gelegen aan het “Basin de Thau” (een zeer grote binnenzee) bereikt. Deze stad stelde prijs op het bezoek van “Camping Cars” met een fraaie parking + verzorging (€ 5.-p/n.). We stonden heerlijk in de schaduw, naast het Thermaal-bad. ’s Middags zaten we aan de oe\’er van Basin de Thau en verwonderden ons over het zeer heldere (zoute) water en de unieke onderwaterflora- en fauna. Het was wederom warm en zonnig (26 gr.) en de parasol was echt nodig!

DAG 22: De vorige avond betrok de lucht en dreigde onweer. Daar kwam het niet van, maar ’.v nachts stak een stevige N. W.-wind op (kracht 6- 7) en hadden we voor de 3e keer Mistral, ‘s Morgens nog wat bewolking en half-zon en wederom 28 gr. We maakten een wandeling rond Balaruc, grenzend aan de Thau met het uitzicht op de, rond een berg “ St. Clair”gebouwde stadSête en reden vervolgens vis Balaruc-les-Vieux over de N300 ri. Poussan en NI 13 naar Bouzigues. Hier werd geluncht met een prachtig uitzicht over de Thau (met oesterbanken) en Sète. Vandaar ging het via Mèze en de D51 naar MARSEILLAN, waar we wilden overnachten. De “P” was “Interdit pour Camping- cars”, maar we vonden pal bij de jachthaven een mooie schaduwplek en konden vandaar naar de boten op de Thau kijken, zittend in de zon en een heerlijk windje.

DAG 23: Het idee, om op Zondag bij 30 gr. naar CAP d’AGDE te rijden lieten we varen. Het werd: Marseillan-plage voor een warme stranddag. De parkings waren ook hier voorzien van de “beruchte hoogtebomen ”, * maar op de strandweg vonden we een parkeerplek. Er was vee! zon, maar ook een Mistal-achtige N. W. wind, die voor veel “stuifzand” zorgde. Omdat hier geen nachtparking voorhanden was, reden we terug naar MARSEILLAN en sliepen op ons rustige en vertrouwde plekje aan de haven.

  • NOOT: we hoorden, dat deparkeerbeperkingen dm.v. hoogtebomen vooral zijn ingesteld, om de zigeuners, die met zwermen op deze parkings afkomen, te weren. Dat daar dan ook de campers de dupe van zijn, neemt men op de koop toe!

DAG 24: Ook vandaag bleef de Mistral doorstaan, al gaf die wel de nodige verfrissing (bij 29 gr.) Rond 9.30 uur vertrokken we naar AGDE en maakten een rondwandeling door het historische deel van deze, 2500 jaar oude stad, gelegen aan de rivier HERAULT. Vooral dominant is hier de “strenge” kathedraal van bazalt, gebouwd als burcht Vandaar ging het naar de luxe badplaats CAP d’AGDE. Ook hier waren alle parkings ontoegankelijk voor campers. Uiteindelijk vonden we tussen de jachthaven en de “oude CAP” een strook als dagparkeren voor campers toegestaan. We beklommen de aloude “CAP” en hadden vanaf hier een prachtig uitzicht op stad, zee en jachthaven. Rond 15.00 uur zetten we onze reis voort via de NI 12 ri Bèziers, na eerst nog St. Vitas-plage aangedaan te hebben         ( het oude parkeer-probleem), reden we door naar VILLENEUVE-les-Béziers. Hier was een mooie Municipal-parking aan het ECO-canal onder de schaduw van machtige Platanen, vlak bij de sluis, ’n Heerlijke plek en      

... ” Gratuite!

DAG 25: Vandaag werd niet het stuur van de Camper gepakt, maar van onze vouwfietsjes. Een speciaal fietspad bracht ons langs het :CANAL DU MIDI” met lommerrijke Platanen naar Béziers en weer terug naar Villeneuve (morgenrit), ’s Middags namen we de tegenover gestelde richting naar Portriagnes (eveneens langs Canal du Midi).

DAG 26: Na verzorging vertrokken we uit Villeneuve ri. Béziers via de N112 (deels door de stad) en daarna de N9 naar Nissan en Coursan. Hier reden we fout door een slechte aanduiding, maar na wat omzwervingen kwamen we toch op de D31 naar Salle-d’Aude en Fleury. Vandaar naar St, Pierre s. Mèr aan de kust. Campers hadden hier 24 uur parkeertijd, maar men sloot wel alle parkings af, dus was er eenvoudig geen plek! Doorrijdend vonden we na het bord “NARBONNE-PLAGE” op de in-rit van de jachthaven (Port de Broscolette) een prima P-plek met uitzicht op haven en zee en vlakbij het strand. Het strand van Narbonne-Plage is kilometers lang en zéér breed. Door een speciaal fietscircuit konden we de hele boulevard afrijden en verkennen. Het weer: na 5 dagen Mistral was de wind gedraaid naar Z. W. en dreef wat bewolking binnen. Bij “half-zonwerd het ca 25 gr. (gelukkig wat minder warm!)

DAG 27 en DAG 28: Beide dagen werden stranddagen met volop zon en ca. 22 gr..

We bleven staan op onze Haven-P in NARBONNE-PLAGE.

DAG 29: We werden wakker met bewolking en het was redelijk fris (17 gr.} Dat was even wennen!. Als extra stranddag niet geschikt Daarom reden we 15 km verder naar het meest Z. W. punt van onze reis: GRUISSAN, een zeer oud Romeins stadje (ca. 846), Voor parkeren werden we verwezen naar de CamperP in GRUISSAN-PLAGE, een royaal terrein tussen Etangs en Zee met verzorging. (€ 6.-) ’s Morgens op de fiets naar Gruissan, waar een levendige markt aan de gang was. In het middaguur kwam de zon er weer door, werd het ca. 22 gr. en was het, uit de wind, weer lekker toeven! Wij gaven een voorkeur aan een wandeling over de boulevard Tegen 17.30 uur begon zeedamp de zon te verduisteren en werd het fris.

DAG 30: Na verzorging vertrokken we uit Gruissan-Plage naar de “Gallo-Romeinse stad NARBONNE. De temperatuur lag rond de 24 gr bij zon en wolken. We reden door het “Montagne de la Clape”, een niet al te hoog gebergte, maar wel zeer opmerkelijk in een kuststreek en reden vervolgens naar onze (gratis) P aan de Quai Victor Hugo aan het Canal Robine. Ondanks de zondag: zeer druk, maar dat kwam door een grote Zondagmarkt langs de boorden van de Robine. Ook wij lieten ons verleiden, eerst de markt te bezoeken, zodat we genoodzaakt waren, onze aankopen eerst naar de Camper te brengen. Op tijd geluncht en daarna gingen we de stad verkennen. Die valt op door zeer veel historische gevels en oudheden, zoals de :Marche”, een overdekte markthal. Wij zagen de oude Romeinse brug over de Robine (vroeger: riv. D’Aude) en daarna het historische hart van NARBONNE: Het “Palais Neuf’ (waarin: Maison de la Ville”), het als fort verstrekte Aarts-bisschoppelijk paleis (Palais Vieux) en de (nooit voltooide) Kathedraal St. Just et St Pasteur, die we ook van binnen konden bezichtigen (prachtig altaar en orgel). Tot slot: het Klooster met inwenpadige kloostertuin. Tegelijkertijd liepen we door allerlei kronkelige straatjes met historische gevels. Het viel ons op, dat de stad er zeer verzorgd uitzag! Tegen 16.00 uur streken we weer neer op onze standplaats aan de oever van de Robine, om er tevens te overnachten.

DAG 31: Grijze lucht en een paar lichte motbuitjes, maar tegen 10.30 uur kwam de zon erbij, met wolkenluchten als afwisseling en werd het bij en frisse wind toch nog ca. 24 gr.

We vertrokken door het centrum van Narbonne en vonden al vlot de N9 via Coursan en Nissan plus de rondweg om Béziers (N9-N112-N9) waren we op weg naar Pézenas, een mooie stad met een verzorgd, historisch centrum (16e-18f eeuw). Via de Tourist-info was een mooie wandeling uitgezet in dit door galerieën en kunsthandels beheerste stadsdeel. Na de lunch gingen we verder via Clermont l’Herault richting de A 75. Het begin van deze tolvrije autoweg was slecht aangegeven, maar na enig rondrijden vonden we een oprit. Wat volgde was een prachtig aangelegde autoweg door de bergen van :HAUT LANGUEDOC”, waar\>an de hellingen bezet waren met mooi bloeiende brem! We passeerden Lodève met een imponerende Citadel op het hoogste punt en reden over de hoogvlakte van “DU LARZAC” op ca. 750 - 800 mtr. Hoogte. We kozen NIET voor de nieuwe tolbrug over de TARN bij MILLA U, maar voor de N9-E11 naar de stad Millau voor het aanrijden van de Camper - P (Municipal) bij de Pont de Larzac. Helaas stonden we hier op een soort eiland en konden de stad niet bezoeken. Daarom werd een bezoek aan Millau uitgesteld tot de volgende morgen Met deze rit werd een begin gemaakt met de eerste van een aantal ritten richting Nederland (ca. 1300 km in fasen af te leggen).

Dag 32: Gisteravond begon het te regenen (de eerste regen sinds 1 maand!) en dat ging de gehele nacht door. ’s Morgens wel droog, maar dikke wolken tussen de bergen rond Millau, Niet echt aangenaam, om volgens plan de stad te gaan bezoeken, dus reden we door via de A75, een prachtige tolvrije autoweg óver de bergen op een hoogte tussen 700 en 1100 mtr., waardoor de temperatuur terugviel naar ca. 14 gr. Het bleef droog met af en toe een glimpje zon. We reden langs allerlei interessante steden zoals Severac-le-chateau, St Chelie d’Apache en Massiac. De aldaar geplande toeristische route langs het “Viaduc de Grabit” (D836) en “George-de-Allegon” (D909) vielen in duigen door de dreigende wolken. (Misschien de volgende keer............... ). Via lssoire werd Clermont Ferrand bereikt (een grote stad, maar met goede aanduidingen) en zochten we de N9 op als .'Groene Route” naar Riom. Via deze 2-baans weg werd GRANAT bereikt, waar we bij het sportveld/zwembad een plek voor de nacht vonden bij een wat fletse zon en stijgende temperatuur. Bij het eind van de middag en het begin van de avond kregen we een paar “tropische” regenbuien!

DAG 33:De dag begon zonnig en droog fs middags half-zon en 22 gr). Vanuit Granat namen we de N9 naar MOULINS ,dwars door de stad naar N7/ Nevers, waar we via de rondweg op de D977 belandden. Deze weg was landschappelijk erg mooi om te rijden en verliep glooiend door een heuvellandschap via Guerigny, Premery en Varcy. Hier namen we de NI51, al even fraai als de vorige en arriveerden via Clamency in AUXERRE a/d Rivier “Yonne”. Hier, op de « Quai de la Republique” was onze Camper- Parking met het « neusje » naar de rivier. Na aankomst werden de Kathedaal “St. Etienne” en de Abbey “St. Germain” bezocht en bezichtigd en genoten we van het uitzicht over de rivier, ‘sAvonds zorgde het uitlichten van de Kathedraal en de Abbey met daan’óór de lichtjes van de rivier Yonne voor een feeëriek schouwspel.

DAG 34: We besloten, er een “rustdag” van te maken en de stad verder te verkennen Bij een afwisseling van zon en wolken en 24 gr. maakten we een “City-wandeling” van IV2 uur en bewonderden de “Eglise St. Pierre” en op de Place des Cordeliers, het fraaie “Tour d’Horloge”, ’n Bezichtiging, die we ieder kunnen aanraden! ‘s Middags lekker in de zon langs de oever zitten uitblazen en daarna nog een fietstochtje langs het tracé van de rivier.

DAG 35: Adieu Auxerre! ‘n Zonnig afscheid met af en toe wat wolken bij 24 gr. Lekker weer dus! We namen ons voor,nu in drie etappes naar huis te rijden. Vandaag ging dag via de N77 naar Troyes en Chalon-en Champagne. We reden door een mooi, golvend landschap met een wijds uitzicht, langs de “korenschuur van Frankrijk” met enorme akkers van wuivend graan en bloeiende lavendel in het district “Champagne”. De rit verliep vlot tot REIMS (N44). Daar moesten we door het centrun van de stad, hetgeen wel de nodige problemen opleverde. De aanduiding “Bruxelles” gaf aan, dat we goed zaten! Daarna de D966 ri. Maubeuge. Zo'n 22 km noordelijk van Reims doken we een dorpje EVERGNICOURT aan het riviertje “Aisne” in en vonden bij een parkje én het begin van een fietsroute in Champagne/Picardië, een leuke plek voor een rustige overnachting.

DAG 36: We werden wakker door “hanengekraai en vogelgezang” op onze “groene” overnachtingsplek onder een blauwe hemel. Het werd een warme dag (ruim 29 gr.), maar er moest gereden worden, dus vertrokken we over de D966 via Vervins, Auesnes, en Maubeuge naar de grens van Frankrijk en België richting Mons. Vandaar ging het comfortabel over de Belgische autosnelweg A7/E19 naar Brussel, om via “de ring” afslag Al2 ri Antwerpen te kiezen. In WILLEBROEK (bij Boon) was bij de sporthal/zwem bad een Camperparking, maar deze had geen beschutting voor de zon, zodat we aam het eind van een doodlopende straat een prima plek met gras en schaduwrijke bomen vonden; lekker rustig en goed verlicht. Wat heb je als camperaar nog méér nodig? Hier bleven we en werden krachten verzameld voor de laatste etappe van morgen. Helaas bleek onze laatste gasfles leeg te zijn (mogelijk door de hoge koeling bij het warme weer) en schoot de koffie er bij in.

DAG 37: Om 8.00 uur werd gestart Antwerpen werd vlot “gerond” en via het bekende snelwegennet in Nederland via Breda, Gorinchem en Arnhem kwam APELDOORN tegen 11.00 uur “in het vizier” en zat onze prachtige reis er na 3800 km. op. “Just in Time”, want in Nederland begon het te zomeren en daar valt dan ook weer veel te genieten!!

EP & AN SMID

Geraadpleegde kaarten:

  1. MICHELIN toeristische wegenatlas - Schaal 1; 200.000
  2. Oï’ernachtingsplaatsen Frankrijk 13e editie/2004 Uitgave : De Zwerf auto (uitgeverij de Groeve- Oostende (B)
    1. Campervriendelijke Gemeenten in Europa . uitg. VZW, Kortrijkstr. 342 B9700 Oudenaarde

Geraadpleegde lectuur (o.a,):

  • Lanoos Fr. Streekgidsen: LANGUEDOC/ROSILLON1984 ISBN-nr. 90.209.1164.3
  • Ardèche en Cévennen - uitg. ANWB-Extra + kaart
  • Streek-brochures Frans Verkeersbureau (Maison de la France) van:
  • LanguedocGardV Herault
  • Les plus beaux Détours de France (uitg. Michelin 2004)
  • ANWB /Kampioen : Vacantieklapper 2004 : Rhöne-dal

Joomla! Foutopsporingsconsole

Sessie

Profielinformatie

Geheugengebruik

Database zoekopdrachten